Door te programmeren kunt u het beltype (2 types), het belvolume (10 stappen) en de beleigenschappen (10 eigenschappen) instellen.
![]() ![]() ![]() ![]() |
Druk (zie display).
![]() ![]() ![]() |
Druk (zie display).
U kunt nu het beltype, het belvolume of de beleigenschappen kiezen.
Kies type 1, wanneer u het belvolume op een constant niveau wenst te zetten, kies type 2, wanneer u een stapsgewijze verhoging van het belvolume wenst, wanneer de telefoon rinkelt.
![]() ![]() ![]() ![]() |
Druk (zie display).
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Druk om te veranderen (zie display).
Clear |
Druk om de procedure te beëindigen.
Wanneer type 2 wordt gekozen, kan het belvolume niet worden geprogrammeerd.
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Druk (zie display).
U hoort het gekozen volume (0 ... laagste volume, 9 ... hoogste volume).
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Druk lager of hoger om het niveau te veranderen (zie display).
Clear |
Druk om de procedure te beëindigen.
Deze programmering kan niet worden toegepast, wanneer u het 2de beltype hebt gekozen.
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Druk (zie display).
U hoort de gekozen eigenschap.
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
Druk om te veranderen (zie display).
Clear |
Druk om de procedure te beëindigen.
|
|
|||||||||
© Ericsson Enterprise 2003 |