Met deze functie worden alle (of geselecteerde) externe lijnen vertegenwoordigd door voorgeprogrammeerde toetsen op alle telefoontoestellen. Voor iedere externe lijn moet er een functietoets worden geprogrammeerd. Dit betekent dat u de verkeersstand voor iedere geprogrammeerde externe lijn kunt controleren (bijv. vrij, bezet). U kunt ook een extern gesprek tot stand brengen door de externe lijntoets te drukken.
Om een externe oproep te beantwoorden, hoeft u enkel de knipperende toets te drukken. (Afhankelijk van de systeemprogrammering, wordt een inkomend extern gesprek door een knipperende lijntoets en een belsignaal aangekondigd.)
Externe lijn |
Druk (voorgeprogrammeerd).
Spraakcontact met de oproeper.
Om een extern gesprek te beginnen, hoeft u enkel de externe lijntoets te drukken. De externe lijn wordt automatisch gekozen.
Externe lijn |
Druk een vrije lijntoets (voorgeprogrammeerd).
![]() |
Kies het gewenste nummer.
Indien u op deze manier externe gesprekken voert, hoeft u het (de) cijfer(s) voor de externe gesprekstoegang niet eerst te kiezen.
|
|
|||||||||
© Ericsson Enterprise 2003 |