Bij dynamische processorsparing kunnen inactieve processors worden gebruikt als dynamische reserves in omgevingen met Capacity on Demand (CoD). Memorysparing vindt plaats wanneer on-demand inactief geheugen automatisch wordt geactiveerd om defect geheugen tijdelijk te vervangen totdat er onderhoud kan worden gepleegd.
Processorsparing wordt gebruikt om de nadelige effecten van een defecte processor op de serverprestaties te minimaliseren. Een inactieve processor wordt geactiveerd als een defecte processor een vooraf ingestelde foutdrempelwaarde bereikt, zodat de prestaties en beschikbaarheid van het systeem optimaal blijven. Dynamische processorsparing vindt automatisch plaats bij het gebruik van dynamische logische partitionering (DLPAR), waarbij de defecte processor wordt gedetecteerd voordat deze het begeeft. Als het defect niet wordt gedetecteerd of als geen dynamische logische partities worden gebruikt, wordt bij het opnieuw opstarten van het systeem of de partitie een andere (inactieve reserve)processor geactiveerd. Zo kunt u het vereiste prestatieniveau handhaven zonder te moeten wachten totdat de benodigde vervangingsonderdelen binnen zijn. Bij dynamische reserveprocessors hoeft geen activeringscode te worden aangeschaft. De enige vereiste is dat er inactieve CUoD-processors beschikbaar zijn.
Memorysparing vindt alleen plaats als inactief CoD-geheugen in een systeem aanwezig is en wanneer een volledige geheugenfunctie onbruikbaar is geworden. Tijdens een opstartprocedure (IPL) worden defecte geheugenonderdelen buiten gebruik gesteld en wordt inactief CoD-geheugen in plaats van het defecte onderdeel geactiveerd zonder dat er hoeft te worden ingegrepen.
Memorysparing is slechts een voorbeeld van de betrouwbaarheid, beschikbaarheid en serviceopties (RAS) die beschikbaar zijn voor IBM Systems- en IBM eServer-hardware-producten. Andere mogelijkheden zijn bitsteering en bitsparing.
Memorysparing is beschikbaar op de modellen 9119-590, 9119-595 en 9406-595.
Memorysparing ook beschikbaar op de modellen 9406-570 en 9117-570. Op deze modellen blijft de functie echter beperkt tot een defect van de hoofdfunctie. Als al het geheugen weer operationeel is, worden de geheugenreserves voor een andere defecte hoofdfunctie aangesproken.