Dit onderwerp bevat vereisten en specificaties voor 19-inch rekken die door bepaalde systemen worden gebruikt. Deze vereisten en specificaties helpen u bij het bepalen van de vereisten voor het installeren van verschillende IBM-systemen in niet-IBM-rekken. Het is uw verantwoordelijkheid om er samen met de leverancier van het rek voor te zorgen dat het gekozen rek aan de vereisten en specificaties in dit onderwerp voldoet.
Rekspecificaties
De algemene specificaties voor niet-IBM-rekken zijn:
De voorste rekopening moet 451 mm + 0,75 mm (17,75
inch + 0,03 inch) breed zijn, en de gaten voor het installeren van de
rails moeten vanaf het midden gemeten een onderlinge afstand van 465 mm +
0,8 mm (18,3 inch + 0,03 inch) hebben (horizontale breedte tussen verticale kolommen gaten op de twee
voorste installatieflenzen en op de twee achterste installatieflenzen). De gaten voor het installeren van rails moeten een diameter hebben van 7,1 mm + 0,1 mm (0,28 in. + 0,004 in.) 
De verticale afstand tussen de installatiegaten moet bestaan uit reeksen
van drie gaten die vanaf het midden gemeten (van boven naar beneden) een
onderlinge afstand hebben van 15,9 mm (0,625 inch), 15,9 mm (0,625 inch)en 12,67 mm (0,5 inch) (waardoor de onderlinge verticale afstand tussen alle uit drie gaten bestaande reeksen 44,45 mm (1,75 in.) is. De voorste en achterste installatieflenzen in het rek of de behuizing moeten een onderlinge afstand hebben van 719 mm (28,3 in.) en de interne breedte die door de installatieflenzen wordt bepaald, moet ten minste 494 mm (19,45 in.) zijn, zodat de IBM eServer -rails
in uw rek of behuizing passen (zie Figuur 1).
Bovenaanzicht rek - Specificaties en afmetingen

Rekspecificaties en -afmetingen, onderaanzicht voorkant
Voorbeeld: een lade voor vier EIA's heeft een maximaal ladegewicht van 63,6 kg (140 lb.).
Als u geen rails van IBM gebruikt, moet de veiligheid van de gebruikte rails gecertificeerd zijn voor gebruik in combinatie met de IBM-producten.De installatierails moeten minimaal gedurende één minuut vier keer het maximale productgewicht kunnen dragen als de rails in de slechtst mogelijke positie staan (helemaal naar voren of helemaal naar achteren) zonder dat dit catastrofale gevolgen heeft.
Mogelijke acceptabele alternatieven: Het rek of de behuizing kan stevig aan de vloer, het plafond of de muren, of aan de aangrenzende rekken of behuizingen in een lange en zware rij met rekken of behuizingen worden bevestigd.
Er moet horizontaal in de breedte voldoende ruimte zijn aan de voorkant of achterkant van het rek of de behuizing om de lade in het geval van onderhoudswerkzaamheden volledig naar voren en, indien van toepassing, naar achteren te kunnen schuiven (dit vereist 914,4 mm (36 in.) ruimte aan de voor- en achterkant).
Voor- en achterdeuren moeten, indien aanwezig, voldoende ver open kunnen zodat er ongehinderd onderhoudswerkzaamheden kunnen worden uitgevoerd of de deuren moeten eenvoudig te verwijderen zijn. Als de deuren voor onderhoudswerkzaamheden moeten worden verwijderd, dient de klant de deuren te verwijderen voordat het onderhoud wordt uitgevoerd.
Er moet voldoende ruimte zijn rond de frontplaat van de lade zodat deze kan worden geopend en gesloten conform de productspecificaties.
Voor voor- en achterdeuren moet een minimumafstand van 51 mm (2 inch) aan de voorkant, 203 mm (8 inch) aan de achterkant, tussen de deur en de installatieflens, worden aangehouden, en 494 mm (19,4 inch) aan de voorkant, 571 mm (22,5 inch) aan de achterkant, zijwaartse ruimte voor frontplaten van laden en kabels (zie Figuur 1).
Voor een optimale ventilatie wordt aanbevolen dat het rek of de behuizing geen voordeur heeft. Als het rek of de behuizing deuren heeft, moeten de deuren volledig geperforeerd zijn zodat er voldoende lucht van voren naar achteren kan stromen, zodat de volgens de serverspecificaties vereiste inlaattemperatuur op peil kan worden gehouden. De perforaties moeten een percentage van minimaal 34 procent van het oppervlak aan open ruimte opleveren.
IBM-voorzieningen
Speciale overwegingen bij het installeren van een model 570 in een niet-IBM-rek
In de volgende afbeelding wordt het routepad weergegeven van de model 570-flexverbindingen in een IBM Enterprise-rek. De voorste flexverbinding steekt 70 mm uit ten opzichte van de railinstallatieflenzen. De achterste flexverbinding steekt 25 mm uit. Een niet-IBM-rek moet over deze extra ruimte beschikken om de flexverbinding op de juiste manier te kunnen installeren en voldoende tegen fysieke schade te kunnen beschermen.


Algemene veiligheidseisen voor IBM -producten die in een niet-IBM-rek of behuizing zijn geïnstalleerd
De algemene veiligheidseisen voor IBM -producten die in een niet-IBM-rekken zijn geïnstalleerd, zijn:
Apparaten waarvan de veiligheid moet worden gecertificeerd zijn onder andere: het rek of de behuizing (indien het elektrische onderdelen bevat die deel uitmaken van het rek of de behuizing), ventilatorhouders, stroomverdelers, UPS (Uninterruptible Power Supplies), stekkerdozen of eventuele andere producten die in het rek of de behuizing zijn geïnstalleerd en verbonden zijn met een gevaarlijk voltage.
De Europese Unie vereist een CE-merk en een DOC (Declaration of Conformity) van de fabrikant.
Gecertificeerde producten dienen ergens op het product of het productlabel NRTL-logo's of -merken te bevatten. Het bewijs van certificering moet echter worden overlegd indien IBM hierom vraagt. Dit bewijs bestaat uit bepaalde stukken, zoals kopieën van de NRTL-licentie of -certificaat, een CB-certificaat, een autorisatiebrief waarin het toepassen van het NRTL-merk wordt geautoriseerd, de eerste paar pagina's van het NRTL-certificeringsrapport, een vermelding in een NRTL-publicatie, of een kopie van de UL Yellow Card. Het bewijs bevat de naam van de fabrikant, producttype en model, de standaard op basis waarvan de certificering heeft plaatsgevonden, de NRTL-naam of -logo, het NRTL-dossiernummer of licentienummer, en een lijst met bepaalde acceptatievoorwaarden of afwijkingen. Een DOC (Declaration of Conformity) van de fabrikant wordt niet aanvaard als bewijs voor een NRTL-certificering.
Het rek of de behuizing mag niet blootstaan aan gevaren (zoals voltages boven 60 V gelijkstroom of 42 V wisselstroom, stroomtoevoer van meer dan 240 VA, scherpe randen, mechanische uitsteeksels of hete oppervlakken).
Een verbrekingsmechanisme kan bestaan uit de stekker aan het netsnoer (als het netsnoer niet langer is dan 1,8 m (6 ft.), de aansluiting van het apparaat (als het netsnoer kan worden verwijderd), of een aan-/uitknop, of een noodknop voor het uitschakelen van de stroom in het rek, vooropgesteld dat het verbrekingsmechanisme alle stroom uit het rek of product verwijdert.
Als het rek/of de behuizing elektrische onderdelen (zoals ventilatorhouders of lampen) bevat, dient het rek een toegankelijk en ondubbelzinnig verbrekingsmechanisme te hebben.
Er mag niet meer dan 0,1 Ohm spanning bestaan tussen de aardegeleider van de stroomverdeler of de stekker van het rek en elk aanraakbaar metaal of geleidend oppervlak op het rek en op de producten die in het rek zijn geïnstalleerd. De aardingsmethode moet aan de elektrische voorschriften (bijvoorbeeld NEC of CEC) van dat land voldoen. De aardingscontinuïteit kan worden gecontroleerd door het IBM -servicepersoneel nadat de installatie is voltooid en moet worden gecontroleerd voordat de eerste serviceactiviteit wordt uitgevoerd.
Het stroom- of energieniveau van de stroomverdeler of de stekkerdozen moet 80 procent zijn van de stroomvoorziening van het gebouw (zoals vereist wordt door de National Electrical Code en de Canadian Electrical Code). De totale belasting van de stroomverdeler moet minder zijn dan het energieniveau van de stroomverdeler. Voorbeeld: een stroomverdeler met een 30 A-verbinding is geschikt voor een totale belasting van 24 A (30 A x 80 procent). Daarom moet het totaal van alle apparaten die in dit voorbeeld met de stroomverdeler zijn verbonden lager zijn dan het niveau van 24 A.
Als er een uninterruptible is geïnstalleerd, moet deze aan alle bovenstaande elektrische veiligheidseisen voldoen die voor een stroomverdeler zijn voorgeschreven (inclusief certificering door een NRTL).
Het rek of de behuizing, stroomverdeler, uninterruptible, stekkerdozen en alle producten in het rek of de behuizing moeten worden gebruikt zoals de fabrikant het heeft bedoeld (en zoals in de productdocumentatie en marketinginformatie van de fabrikant is beschreven.
Niet afsluitend (decoratief) materiaal moet aan een brandbaarheidsnorm van V-1 of beter voldoen. Als er glas wordt gebruikt (in bijvoorbeeld rekdeuren), dient dit veiligheidsglas te zijn. Als er houten planken in het rek/de behuizing worden gebruikt, dienen deze planken met een door de UL goedgekeurde hittevertragende laag worden behandeld.
Er mogen geen unieke onderhoudsprocedures of -programma's voor de service vereist zijn.
Voor verhoogde service-installaties, waarbij de te onderhouden producten tussen 1,5 m en 3,7 m (5 ft. en 12 ft.) boven de vloer worden geïnstalleerd, is de aanwezigheid van een door de OSHA en CSA goedgekeurde, niet-geleidende trapladder verplicht. Als er een ladder voor de service vereist is, dient de klant te zorgen voor deze door de OSHA en CSA goedgekeurde, niet-geleidende trapladder (tenzij er andere afspraken zijn gemaakt met de plaatselijke IBM -serviceafdeling). Voor producten die meer dan 2,9 m boven de vloer zijn geïnstalleerd, moet eerst een "special bid" worden afgesloten voordat deze producten door het IBM -servicepersoneel kunnen worden onderhouden.
Voor producten die niet bedoeld zijn om in een rek te worden geïnstalleerd en die door IBM worden onderhouden, geldt dat de producten en onderdelen die als onderdeel van die service worden vervangen niet zwaarder mogen zijn dan 11,4 kg (25 lb.). Neem bij twijfel contact op met uw installatieplanningsmedewerker.
Er mag geen speciale opleiding of training vereist zijn voor een veilig onderhoud van de producten die in rekken de zijn geïnstalleerd (neem bij twijfel contact op met uw installatieplanningsmedewerker).