Gevaar!
Als u aan of in de buurt van het systeem werkt, neem dan de volgende voorzorgsmaatregelen in acht:
Elektrische spanning en stroom van lichtnet-, telefoon-
en communicatiekabels is gevaarlijk. Ter voorkoming van een elektrische schok:
- Sluit deze eenheid uitsluitend met behulp van het door IBM geleverde voedingssnoer aan op de voedingsbron. Maak geen gebruik van een voedingssnoer dat IBM voor enig ander product heeft geleverd.
- Maak de voedingseenheid niet open en voer er geen onderhoud aan uit.
- Sluit tijdens onweer geen kabels aan en voer tijdens onweer geen
installatie-, onderhouds- of configuratiewerkzaamheden aan dit product uit.
- Mogelijk is het product uitgerust met meerdere voedingssnoeren. Om alle gevaarlijke voltages te verwijderen, dient u alle voedingssnoeren los te koppelen.
- Sluit alle netsnoeren aan op correct bedrade en geaarde stopcontacten.
Controleer of de stopcontacten een spanning en een fasefrequentie hebben die overeenkomt met hetgeen staat vermeld op het plaatje voor elektrische vereisten.
- Sluit alle apparatuur die op dit product wordt aangesloten aan op correct
bedrade stopcontacten.
- Koppel en ontkoppel signaalkabels indien mogelijk met één hand.
- Zet nooit apparatuur aan wanneer u sporen van vuur, water of
fysieke beschadigingen ziet.
- Ontkoppel de aangesloten netsnoeren, telecommunicatiesystemen,
netwerken en modems voordat u kleppen van de apparatuur opent, tenzij
anders aangegeven in de installatie- en configuratieprocedures.
- Bij het installeren of verplaatsen van dit product of het openen van kleppen van dit product of aangesloten apparatuur dient u alle kabels aan te sluiten en te ontkoppelen zoals is aangegeven in de onderstaande tabel.
Ontkoppelen:
- Zet alles uit (tenzij anders aangegeven).
- Haal de stekkers uit het stopcontact.
- Ontkoppel de signaalkabels van de aansluitingen.
- Ontkoppel alle kabels van de apparaten
Aansluiten:
- Zet alles uit (tenzij anders aangegeven).
- Sluit alle kabels aan op de apparaten.
- Sluit de signaalkabels aan op de aansluitingen.
- Steek de stekkers in het stopcontact.
- Zet de apparaten aan.
(D005)
Voer de onderstaande taken uit om de server te bekabelen.
| De twinaxkabel aansluiten |
| __ |
Zoek aan de achterzijde van de server de positie
waar kaart 2746 zich bevindt. Dit is de twinaxadapterkaart. (Er van uitgaande dat de
kaart op de juiste plaats is geïnstalleerd.) - Positie C5 of C2 voor model 520
- Positie C4 voor model 550
- Positie C4 of C6 voor model 570
|
| __ |
Houd de 8-poorts twinaxkabel bij de
hand (onderdeelnummer 21F5093). Sluit de kabel aan op de aansluiting van de 2746-twinaxadapter. |
| __ |
Sluit een twinaxkabel aan tussen het
werkstation dat u gaat gebruiken als systeemconsole en poort 0 van de 8-poorts
twinax-aansluitingskabel. Opmerking: Het werkstationadres van de console moet
worden ingesteld op 0. Voor het instellen van het adres raadpleegt u de documentatie
bij uw werkstation.
|
| De ECS-kabel (Electronic Customer
Support) aansluiten (optioneel) |
| |
ECS (Electronic Customer Support) helpt u bij het
automatiseren van het beheer van uw server en het stroomlijnen van de ondersteuning. Voor
meer informatie over ECS (Electronic Customer Support) raadpleegt u de IBM eServer Technical Support Advantage-informatie die is meegeleverd met uw server, of gaat u naar de website Support for iSeries family(www-1.ibm.com/servers/eserver/support/iseries/index.html).
ECS (Electronic Customer Support) kunt u configureren met behulp van de CD-ROM iSeries Setup
and Operations die bij uw server is meegeleverd. Raadpleeg voor
meer informatie het onderwerp Service en ondersteuning. |
| __ |
Sluit een telefoonkabel aan op de RJ11-aansluiting
van de adapter op de juiste positie. - Positie C3 voor model 520
- Positie C2 voor de modellen 550 en 570
|
| __ |
Sluit het andere uiteinde van de
telefoonkabel aan op een analoge telefoonaansluiting. |
| Uitbreidingseenheden bekabelen |
| __ |
Hebt u een uitbreidingseenheid? - Ja. Voor instructies over hoe u de uitbreidingseenheid kunt
instellen, klikt u op de onderstaande link. Sluit het netsnoer van de uitbreidingseenheid
pas aan op het stopcontact wanneer u daartoe later in de checklist instructie ontvangt.
Uitbreidingseenheden
- Nee. Ga verder met het volgende gedeelte, Apparaten aansluiten
op de systeempoorten.
|
| Apparaten aansluiten met behulp van de systeempoorten |
| __ |
Als u een IBM System i5 or eServer i5-server hebt en u wilt
deze aansluiten op een UPS (noodvoeding), hebt u een seriële conversiekabel nodig. Raadpleeg
Seriële conversiekabel voor UPS voor de desbetreffende instructies. Sluit het netsnoer van de UPS nog niet aan
op het stopcontact en start de server nog niet op. |
| Opmerking: Het aansluiten van
High Availability Cluster Multiprocessing (HACMP)-kabels op desysteempoorten aan de achterzijde van
de server wordt niet ondersteund.
|
| De PCI Cryptographic Coprocessor-kaart installeren |
| __ |
Hebt u een PCI Cryptographic Coprocessor-kaart? - Ja. Installeer deze kaart nu aan de hand van de instructies in
het onderwerp PCI-X Cryptographic
Coprocessor. De kaart wordt geleverd in een aparte doos. Na installatie van
de kaart gaat u weer verder met deze stappen.
- Nee. Ga verder met het volgende gedeelte, De netsnoeren
aansluiten.
|
| De netsnoeren aansluiten |
| __ |
Leid de netsnoeren langs de ringen of klemmen die
zijn aangebracht om te voorkomen dat de netsnoeren worden losgetrokken. |
| |
__ |
Als uw server is voorzien van een geleidering, haalt u het netsnoer
door de ring voordat u het snoer aansluit aan de achterzijde van de server.
Dit wordt geïllustreerd in de volgende afbeelding:

|
| |
__ |
Als uw server is voorzien van een geleideklem, bevestigt u het
netsnoer onder de klem voordat u het snoer aansluit aan de achterzijde van de server. Dit wordt geïllustreerd in de volgende afbeelding:

|
| __ |
Wilt u een UPS installeren? |
| |
__ |
Nee. Sluit de
netsnoeren voor de server aan op de server. Sluit het netsnoer nog niet aan op
het stopcontact. Start de server nog niet op. |
| |
__ |
Ja. Voor instructies voor het
voltooien van de installatie van de UPS gaat u naar de website voor Powerware (www.oem.powerware.com/ibm-ups/9910solutions.html) . |
| De externe kabels aansluiten |
| __ |
Gebruik
de tabel bij Kabels en adapters voor het aansluiten
van de kabels op de bijbehorende adapters aan de achterzijde van de server. Opmerking: Als een kabel niet met de server is meegeleverd, dient u er
zelf voor te zorgen.
|
| De kabels langs de
kabelarm leiden |
| __ |
Is uw server geïnstalleerd in een rek? - Nee. Ga verder met het volgende gedeelte, De server
starten.
- Ja. Voer de volgende stappen uit:
|
| |
__ |
Plaats het systeem in de servicepositie. Informatie hierover vindt
u bij Een in een rek geïnstalleerd systeem of
uitbreidingseenheid in de servicepositie zetten. |
| |
__ |
Leid de kabels door de haken langs de kabelgeleiderarm en bevestig de kabels
met de bijgeleverde strips.

|
| |
__ |
Na het bevestigen van de kabels aan de kabelarm, gaat u naar de
voorzijde van het rek en schuift u de systeemlade heen en weer. Let daarbij op de kabels en het bewegen van kabelarm en let erop dat de kabels niet
verstrikt raken. |
| De server starten |
| __ |
Console aansluiten op netvoeding en aanzetten. |
| __ |
De server of UPS en de aangesloten
uitbreidingseenheden aansluiten op de netvoeding. |
| __ |
Open de klep van het bedieningspaneel aan de
voorzijde van de server. Het bedieningspaneel hoort dan verlicht te zijn en de tekens
01 N V=F te vermelden. De server is nog niet aangezet. Opmerking: - Houd er rekening mee dat er enige tijd kan verstrijken tussen het moment dat de server
of het werkstation wordt voorzien van stroom en het moment dat een opstartprocedure (IPL) kan worden
gestart. Zodra de stroomvoorziening voor de server of het werkstation wordt ingeschakeld, voert de
serviceprocessor eerst een zelfcontrole uit, waarbij het bedieningspaneel
gedurende maximaal 2 minuten leeg blijft. Wacht totdat de C1XX XXXX-voortgangscodes
zijn voltooid en 01 wordt afgebeeld op het bedieningspaneel, voordat u een
opstartprocedure (IPL) uitvoert of de functies op het bedieningspaneel wijzigt.
- Als 01 N V=F niet wordt afgebeeld, moet u misschien de werkstand
wijzigen. Instructies hiervoor vindt u in het onderwerp Toegang tot functies van het bedieningspaneel in het iSeries Informatiecentrum.
|
| __ |
Druk op de witte aan/uit-knop. Het inschakelen van
de server kan circa 5 tot 20 minuten duren.
Zodra de server is ingeschakeld, wordt op het bedieningspaneel 01 B N V=F afgebeeld.
Als op het bedieningspaneel A900 2000 wordt afgebeeld, is de console nog niet verbonden. |
| Na voltooiing |
| __ |
Hebt u een kabelhaak ontvangen bij de levering van uw
rek?- Nee. Ga verder met het volgende item.
- Ja. De kabelhaak maakt het mogelijk de
serverkabels aan de achterzijde van het rek netjes weg te werken. U plaatst
de kabelhaak door deze in de sleuven aan de achterzijde van het rek te schuiven, zoals in
de onderstaande afbeelding:

|
| __ |
Keer terug naar uw oorspronkelijke checklist voor de installatie van
de server en ga verder met de volgende stap. |
Voor een grafische weergave van de sleuven en aansluitingen die in dit
onderwerp worden vermeld, raadpleegt u achteraanzichten van het
model.