Scenario: Een model 510 configureren met het besturingssysteem Linux in een volledige systeempartitie

In de instructies in dit scenario wordt beschreven hoe u een 510-model zonder grafische kaart met het Linux-besturingssysteem kunt configureren en installeren vanaf de CD met behulp van alle beschikbare resources van het systeem.

Situatie

U wilt een Linux-distributie vanaf een CD installeren op een volledige systeempartitie op een 510-model dat niet beschikt over een grafische adapter.

Doelstellingen

Het doel van dit scenario is het installeren van het Linux-besturingssysteem vanaf de cd op model 510. U kunt een computer door middel van een seriële kabel voor een nullmodem aansluiten op model 510 en het beeldscherm daarvan gebruiken voor het uitvoeren van de installatie.

Vereisten en aannames

Deze vereisten betreffen het systeem dat is getest met dit scenario.

  • Model 510-server
  • Installatie-cd's voor distributie van besturingssysteem Linux for POWER
  • Linux of Microsoft Windows-PC of notebookcomputer met een seriële poort
  • Seriële kabel voor nullmodem
    Opmerking: U hebt bij het voorbereiden van het systeem de seriële nullmodemkabel nodig voor het aansluiten van model 510 op de Linux- of Windows-PC of notebookcomputer.
  • IP-adres en hostnaam voor het Linux-systeem dat u installeert, alsmede andere netwerkgegevens voor de omgeving, zoals de naamserver en routegegevens (IP-adres gateway).

Voor de meest recente informatie, fixes en procedures waarmee u problemen kunt voorkomen tijdens de installatie van Linux op IBM-systemen, raadpleegt u de Linux on IBM-website op http://www14.software.ibm.com/webapp/set2/sas/f/lopdiags/info/LinuxAlerts.htmlLink buiten het Informatiecentrum.

Het systeem configureren voor het scenario

  1. Sluit een computer met een werkstationemulator met behulp van een seriële nullmodem-kabel aan op seriële poort 1 van de systeempoort 1 van model 510. Gebruik deze communicatieparameters in de werkstationemulator: 19200 bps, 8N1. Als u Linux gebruikt, kunt u de volgende opdracht gebruiken: cu -1 /dev/ttyS0 -s 19200 en druk twee keer op Enter.
  2. Meld u via uw seriële verbinding aan bij de serviceprocessor met admin als gebruikers-ID en wachtwoord.
  3. Om uw systeem gereed te maken voor aansluiting op de Advanced System Management Interface (ASMI) selecteert u in het hoofdmenu Netwerkservices > Netwerkconfiguratie > Interface Eth0 configureren > Statisch. Geef de instellingen op die voor uw systeem van toepassing zijn.
  4. Kies Instellingen opslaan.
  5. Kies Terug naar het vorige menu totdat u terug bent in het hoofdmenu.
  6. Selecteer in het hoofdmenu Voedings-/herstartbesturing > Systeem in-/uitschakelen > Opstarten naar systeemserverfirmware > Standby. U keert nu terug naar het voorafgaande menu.
  7. Selecteer Inschakelen om de server in te schakelen. Druk op Enter om door te gaan. Het inschakelen van de server kan enkele minuten duren.
    Opmerking: De werkstationemulator stopt als de server is gestart. Sluit het venster voor de werkstationemulatie niet, aangezien het nog wordt gebruikt in een latere stap.

De Advanced System Management Interface gebruiken om toegang te krijgen tot het SMS-menu

  1. Als de server is opgestart, opent u de Advanced System Management Interface (ASMI) door de volgende stappen uit te voeren:
    1. Configureer in de Ethernet-interface op de PC of notebookcomputer een IP-adres en subnetmasker in hetzelfde subnet als de server, zodat de PC of notebookcomputer kan communiceren met de server. Ga voor instructies naar Het IP-adres instellen op uw PC of notebookcomputer.
    2. Open een browservenster op de PC of de notebookcomputer.
    3. Gebruik een veilige HTTP-verbinding (HTTPS) en open in de browser het IP-adres dat u hebt opgegeven bij stap 3 .
    4. Meld u aan met admin als gebruikers-ID en wachtwoord.
  2. In de ASMI opent u Voedings-/herstartbesturing > en klikt u op Systeem in-/uitschakelen.
  3. In het rechterdeelvenster geeft u de volgende instellingen op:
    • Snelheid van systeemopstartprocedure: Snel
    • Firmwareopstartzijde voor volgende opstartprocedure: Tijdelijk
    • Systeemwerkstand: Normaal
    • Opstarten in AIX/Linux-partitiewerkstand: Opstarten naar SMS-menu
    • Opstarten naar systeemserverfirmware: Actief
  4. Klik op Instellingen opslaan.
  5. Selecteer in het linkerdeelvenster Systeemherstart en selecteer vervolgens Doorgaan om het systeem opnieuw op te starten.
  6. Keer terug naar emulatievenster op het werkstation en wacht totdat het SMS-menu (System Management Services) verschijnt.

De opstartvolgorde wijzigen

  1. Selecteer in het SMS-hoofdmenu een van de volgende opties:
    • Opstartopties kiezen > Installatie-/opstartapparaat kiezen > CD/DVD > IDE > Select > Opstarten in werkstand NORMAAL voor uw CD-ROM-apparaat.
    • Opstartopties kiezen > Installatie-/opstartapparaat kiezen > CD/DVD > SCSI > Select > Opstarten in werkstand NORMAAL voor uw CD-ROM-apparaat.
    .
    Opmerking: Stel vast of uw CD-ROM-station een IDE- of een SCSI-apparaat is. De meeste systemen werken met een IDE-station, maar als uw systeem beschikt over een DVD-RAM-station is dat waarschijnlijk een SCSI-apparaat. Als u een SCSI-apparaat selecteert, wordt het menu Select Media Adapter afgebeeld.

    Vaste-schijfstations worden doorgaans aangesloten op de eerste geïntegreerde adapter. CD-ROM-stations worden doorgaans aangesloten op de eerste adapter die niet staat vermeld als geïntegreerde adapter. Na het selecteren van een adapter scant de server de bus en worden alle gevonden apparaten van het aangegeven type gerapporteerd. Selecteer het apparaat dat u wilt gebruiken als opstartapparaat.

  2. Plaats uw CD met Linux in het CD-ROM-station van de server.
  3. Sluit het SMS-menu. Het systeem wordt dan gestart vanaf de CD, waarbij ook de installatie van Linux wordt gestart.
  4. Volg de aanwijzingen op het scherm om de installatie van Linux te voltooien. Raadpleeg voor documentatie over de installatie Linux installatiedocumentatie distributie besturingssystemen.
  5. Om toegang te krijgen tot meer mogelijkheden, inclusief software waarmee u resources kunt toevoegen aan, verwijderen uit of verplaatsen tussen de logische partities, zonder dat u de logische partitie of het systeem opnieuw hoeft op te starten, en hulpprogramma's waarmee u een diagnose kunt maken van problemen op uw systeem raadpleegt u Aanvullende software voor het Linux-besturingssysteem installeren en installeert u de aanvullende software.