Dit gedeelte bevat een inleiding tot virtuele netwerkconcepten. In de navolgende secties wordt elk van deze concepten in detail beschreven.
De virtuele Ethernet-technologie maakt het mogelijk voor logische partities op hetzelfde systeem te communiceren zonder gebruik van fysieke Ethernet-adapters. Virtuele Ethernet-adapters worden gemaakt met de HMC en worden geconfigureerd met behulp van de opdrachtregelinterface van Virtuele I/O-server. Virtuele Ethernet-adapters kunnen worden gebruikt zonder gebruik van de Virtuele I/O-server, maar de logische partities kunnen dan niet communiceren met externe systemen of andere logische partities. De Integrated Virtualization Manager kan ook worden gebruikt voor het maken en beheren van virtuele Ethernet-adapters. Raadpleeg voor meer informatie Virtuele Ethernet-bruggen configureren op het beheerde systeem in het onderwerp Partitioneren met de Integrated Virtualization Manager.
Logische partities die toegang moeten hebben tot het externe netwerk, moeten een vast toegewezen Ethernet-adapter hebben of een virtuele Ethernet-adapter die pakketten verzendt en ontvangt via een gemeenschappelijke Ethernet-adapter in een Virtuele I/O-server-partitie. Meerdere client logische partities kunnen deze resource delen. De gemeenschappelijke Ethernet-adapter vormt een laag 2-brug voor het doorsturen van uitgaande pakketten, die zijn ontvangen van een virtuele Ethernet-adapter, naar het externe netwerk en voor het doorsturen van inkomende pakketten naar de juiste client logische partitie via de virtuele Ethernet-link van die partitie.
Overweeg het gebruik van gemeenschappelijk Ethernet op de Virtuele I/O-server als de vereisten voor capaciteit of de bandbreedte van de individuele partities niet consistent is of kleiner is dan de totale bandbreedte van een fysieke Ethernet-adapter. Partities die gebruikmaken van de volledige bandbreedte of capaciteit van een fysieke Ethernet-adapter moeten vast toegewezen Ethernet-adapters gebruiken.
De gemeenschappelijke Ethernet-adapter wordt geconfigureerd via de opdrachtregelinterface op de Virtuele I/O-server. Verderop in dit gedeelte vindt u een aantal voorbeelden.
De gemeenschappelijke Ethernet-adapter kan worden geconfigureerd als linkaggregatieapparaat en met behulp van VLAN-tags (Virtual Local Area Network). Linkaggregatie zorgt voor meer doorvoer via één IP-adres dan mogelijk is met één Ethernet-adapter. Ethernet-adapters van meerdere gigabits kunnen worden geconfigureerd als één IP-adres op de Virtuele I/O-server. Linkaggregatie biedt ook een grotere redundantie omdat in de individuele links fouten kunnen optreden, terwijl bij linkaggregatie de connectiviteit in stand wordt gehouden doordat de communicatie kan worden overgenomen door een andere adapter in het linkaggregatieapparaat.