In dit onderwerp wordt uitgelegd hoe u door middel van POST-toetsen services kunt starten of servicewerkstanden voor systeemconfiguratie en probleemdiagnose kunt aanroepen.
Na het inschakelen van de voeding en voordat het besturingssysteem wordt geladen, voert het systeem een zelftest bij opstarten (Power-On Self Test, POST) uit. Met deze test wordt, voorafgaand aan het laden van het besturingssysteem, gecontroleerd of de hardware correct functioneert. Tijdens de POST wordt een POST-venster afgebeeld en verschijnen er POST-indicators op de firmwareconsole (als er een is aangesloten).
Numerieke toets 1
Wanneer u tijdens de POST op de numerieke toets 1 drukt, start u daarmee de SMS-interface (System Management Services).
Numerieke toets 5
Wanneer u tijdens de POST op de numerieke toets 5 drukt, wordt het systeem opgestart in de servicewerkstand, aan de hand van de standaard opstartlijst voor servicewerkstanden.
In deze werkstand wordt geprobeerd het systeem op te starten vanaf het eerste apparaat van elk type dat voorkomt in de lijst. Er wordt niet gezocht naar andere opstartbare apparaten van dit type als het eerste apparaat niet opstartbaar is. In plaats daarvan wordt verdergegaan met het volgende apparaattype in de lijst. De firmware ondersteunt maximaal vijf items in de opstartlijst.
De standaard opstartvolgorde is:
Numerieke toets 6