Gebruik de volgende instructies om de resourcenamen van de logische partities opnieuw in te stellen op de vorige waarden.
Om de resourcenamen voor alle logische partities opnieuw in te stellen, gaat u als volgt te werk:
- Open SST (System Service Tools) of DST (Dedicated
Service Tools) en meld u aan.
- Selecteer in het hoofdmenu van SST optie 1 (Start a Service Tool) en druk op Enter.
- Selecteer optie 7 (Hardware Service Manager, HSM) en druk op Enter.
- Selecteer in het hoofdscherm van HSM (Hardware Service Manager) in DST optie 2 (Logical hardware resource) en druk op Enter.
- Selecteer optie 1 (System Bus Resources) en druk op Enter.
- Voer voor elke nieuwe bus in de logische partitie de volgende stappen uit in het scherm Logical Hardware Resource on System Bus:
- Vul de volgende velden in:
- System buses to work with ________ (Geef het nieuwe busnummer op dat aan de logische partitie is toegewezen.)
- Subset by ________ (Geef de standaardwaarde *ALL op voor het veld.)
- Druk op Enter. Alleen de resources voor de geselecteerde bus worden nu afgebeeld.
- Geef optie 9 op (Resources associated with IOP) naast een IOP.
- Bepaal welke resourcenamen moeten worden gewijzigd op basis van het CUII-document Resource conversions (formulier A880) en de afdrukken met de systeemconfiguratielijsten (van HSM) voor elke logische partitie.
- Wijzig de resourcenamen door optie 2 (Change detail) op te geven voor elke resource waarvan de naam moet worden gewijzigd.
- Herhaal de stappen 6c tot en met 6e voor elke IOP in de geselecteerde bus.
- Herhaal de volledige stap 6 voor elke nieuwe bus die aan deze logische partitie wordt toegewezen.
- Herhaal de stappen 6a tot en met 6g voor elke logische partitie op de server.
- Herstel de oorspronkelijke systeemwaarde-instellingen (zoals is vastgelegd in De systeemwaarde-instellingen wijzigen) voor zowel de primaire partitie als alle secundaire partities door de volgende stappen uit te voeren:
- Zorg dat voor alle logische partities de handmatige werkstand is geactiveerd.
- Sluit DST af voor de primaire partitie en voor alle secundaire partities.
- Selecteer optie 1 (IPL) voor de primaire partitie en alle secundaire partities.
- Stel in het scherm IPL options het veld Define or Change System at IPL in op Yes.
- Selecteer in het scherm Define or change system optie 3 (System Value Commands) en druk op Enter.
- Selecteer in het scherm System Value Commands optie 2 (Change System Value) en druk op Enter.
- Geef de volgende waarden op in het scherm Change System Value:
- System Value ___QIPLTYPE_______
- New Value __'0'_____
- Druk tweemaal op F3 om de opstartprocedure voort te zetten.
- Als de opstartprocedure is uitgevoerd, geeft u op een opdrachtregel de opdracht WRKSYSVAL (Work with System Values) op om te werken met de systeemwaarden QAUTOCFG (Autoconfigure devices) en QPFRADJ (Performance adjustment).
- Herstel de oorspronkelijke instellingen voor de volgende systeemwaarden: