Namen van hardwareresources wijzigen na de upgrade

Na een upgrade of migratie kunnen de hardwareresources zich op een andere locatie bevinden dan de locatie op de bronserver.

Om deze namen van hardwareresources aan te passen, gaat u als volgt te werk:

  1. Geef op de opdrachtregel van i5/OS de opdracht WRKHDWPRD op.
  2. Selecteer optie 5 (Change description label locations) in het scherm Work with Hardware Products en druk op Enter.
  3. Lees de informatie in het scherm Using Change Label Locations en druk op Enter.
  4. Vergelijk de labelgegevens in het scherm met de labellocaties op de bronserver. De labelgegevens komen overeen als de kolom Label in het scherm gelijk is aan die op de bronserver. De labelgegevens komen niet overeen als een van de volgende beweringen waar is:

    • In het scherm worden labelgegevens afgebeeld, maar de labelgegevens bevinden zich niet op de desbetreffende locatie op de bronserver.
    • De labelgegevens op de bronserver komen niet overeen met de gegevens in de kolom Label in het scherm.
    • De tekst *GEEN wordt afgebeeld in de kolom Label in het scherm en er zijn labelgegevens voor de bronserver. Opmerking: Wanneer de tekst *GEEN in de kolom Label wordt afgebeeld voor toegevoegde of bijgewerkte controllers of apparaten, selecteert u optie 2 (Change). Selecteer vervolgens de juiste labelbeschrijving in de afgebeelde lijst. Als u problemen ondervindt, neemt u contact op met uw geautoriseerde serviceprovider.
    • In de kolom Label verschijnt de tekst *ONJUIST of *ONGELDIG. Dit betekent dat het type en het modelnummer van de hardwareresourcegegevens niet overeenkomen met het type en het model in de configuratiebeschrijving die aan de resource is toegewezen. U kunt op de server geen gebruik maken van verschillende configuratiebeschrijvingen.
    • *ONJUIST, waarbij de fysieke locatie ook ** is. Hiermee wordt aangegeven dat voor een controller- of apparaatbeschrijving geen geldige resource meer op de server aanwezig is.
  5. Als er locaties zijn waarvoor het serverlabel niet overeenkomt met het fysieke label, typt u voor elke locatie waarvoor het label moet worden gewijzigd in het scherm Change Description Label Locations de waarde 2 in de kolom Opt. Druk op Enter. Het scherm Change Description Label wordt afgebeeld.
    Opmerking: U kunt meerdere waarden tegelijk selecteren. Als de tekst Meer onder in het scherm wordt afgebeeld, moet u niet op Enter drukken. In plaats daarvan bladert u verder om de resterende labels te selecteren.
  6. Om (in het scherm) de labelnaam te selecteren die overeenkomt met het label op de bronserver, typt u voor elke locatie die u wilt wijzigen de waarde 1 in de kolom Opt en drukt u vervolgens op Enter.

    Opmerking: Als u (in het scherm) het label niet kunt vinden dat overeenkomt met het label op de bronserver, neemt u contact op met de geautoriseerde serviceprovider.

    Als u meerdere labels wilt wijzigen, wordt het scherm Change Description Label voor het volgende label afgebeeld. Via een bericht onder in het scherm wordt aangegeven of de vorige wijziging is gelukt.

  7. Herhaal de vorige drie stappen (vanaf stap 4) voor alle labels die moeten worden gewijzigd.
  8. Als de tekst Meer onder in het scherm wordt afgebeeld, bladert u verder om meer gegevens te bekijken. Dit gebeurt als u het laatste label hebt gewijzigd. Het scherm Change Description Label Locations verschijnt met de bijgewerkte gegevens. Via een bericht onder in het scherm wordt aangegeven of de laatste wijziging is gelukt.
  9. Druk in het scherm Change Description Label op F17 als u de nieuwe gegevens voor de records wilt afdrukken.
    Opmerking: De afdruk wordt in de standaarduitvoerwachtrij voor uw werkstation geplaatst. U kunt het document later afdrukken wanneer u de printer online zet en de schrijfprogramma's voor printers start.
  10. Controleer of de labels in de afdruk overeenkomen met de labels in de kolom Label op de bronserver. Als u fouten ziet, gaat u terug naar stap 5 en voert u de stappen nogmaals uit.

    Let op: Verwissel geen kaarten voor probleemanalyses. De serienummers van kaarten en apparaten maken deel uit van de serverconfiguratie.


Feedback verzenden|Deze pagina beoordelen