De gegevensmigratie voltooien met i5/OS V5R4 op de bronserver

Volg deze instructies als u i5/OS V5R4 kunt laden op uw bronserver.

Voordat u aan deze taak begint, dient u de procedure uit te voeren zoals beschreven in De gegevensmigratie voorbereiden met i5/OS V5R4 op de bronserver.

Om de gegevens te migreren naar een doelserver of logische partitie, gaat u als volgt te werk:

  1. Voer de procedure in "Appendix D: Recovering your server to a different server" van de Backup and Recovery Guide Link naar PDF uit.

    Als een bepaalde controller of een bepaald apparaat geen geldige resource meer heeft op de server, volg dan de procedure in het onderwerp Namen van hardwareresources herstellen om de noodzakelijke correcties aan te brengen.

  2. Installeer gelicentieerde programma's (LP's). Meer informatie vindt u in het onderwerp Extra gelicentieerde programma's installeren in het informatiecentrum van iSeries.
  3. Maak als volgt een afdruk van de serverconfiguratiegegevens:
    1. Op een opdrachtregel van i5/OS voert u de opdracht PRTSYSINF in (Systeemgegevens afdrukken) en vervolgens maakt u een afdruk van het spoolbestand dat wordt gegenereerd.

      Hiermee wordt er een afdruk gemaakt van de hardwareresources, softwareresources, systeemwaarden, geïnstalleerde fixes (ook Program Temporary Fixes of PTF's genoemd) en andere configuratiegegevens.

    2. Maak een nieuwe afdruk van de serverconfiguratielijst en bewaar deze goed. Raadpleeg voor instructies hierover De serverconfiguratielijst afdrukken.
    3. Op een i5/OS-opdrachtregel typt u WRKDEVD (Werken met apparaatbeschrijvingen) en voer optie 6 in voor het afdrukken van de apparaatbeschrijvingen.
    4. Ga naar de opdrachtregel van i5/OS, typ WRKCTLD (Werken met controllerbeschrijvingen), en voer optie 6 in om de controllerbeschrijvingen af te drukken.
    5. Als u met een gepartitioneerde server werkt, kunt u de serverconfiguratie voor logische partities afdrukken met behulp van de opdracht STRSST (Start System Service Tools). Meer informatie hierover vindt u in De serverconfiguratie voor logische partities afdrukken.
  4. Sla de hele server op met optie 21 van de opdracht GO SAVE. Raadpleeg voor meer informatie het onderwerp GO SAVE in het iSeries Informatiecentrum. Geef de volgende gegevens op:
    1. Vary off the network server...*ALL
    2. Unmount file systems..........Y
    Opmerking: U wordt aangeraden twee exemplaren van de backupmedia te maken.
  5. Hervat de normale werking en controleer of alle toepassingen correct werken.
  6. Regel de serverprestaties nauwkeurig af. Op deze manier zorgt u ervoor dat de serverresources optimaal worden benut en de werkbelasting zo efficiënt mogelijk wordt uitgevoerd. Raadpleeg voor meer informatie het onderwerp Prestaties afstemmen in het iSeries Informatiecentrum.

Send feedback | Rate this page