Veel objecten worden gemaakt bij installatie van een besturingssysteem in een logische partitie met gebruik van virtuele opslag. Sommige van deze objecten zijn gekoppeld aan de server, terwijl andere objecten zijn gekoppeld aan de gebruiker. Als u serverobjecten op de juiste manier wilt terugzetten, moet u al deze objecten opslaan.
U kunt deze objecten opslaan met de i5/OS-opdracht GO SAVE op de server.
Als u een bepaald object wilt opslaan, zoekt u de locatie van het object in i5/OS en de te gebruiken opdracht in de onderstaande tabel. Meer informatie over het gebruik van deze opdrachten vindt u in bij i5/OS Backup en herstel.
| Objectinhoud | Objectnaam | Objectlocatie | Objecttype | Opdracht Opslaan |
|---|---|---|---|---|
| Gastpartitie en virtueel schijfstation | stgspc | /QFPNWSSTG | Door gebruiker gedefinieerde netwerkserveropslagruimten in systeem-ASP (Auxiliary Storage Pool) | GO SAV, optie 21 of 23 |
| SAV OBJ('/QFPNWSSTG/stgspc') DEV('/QSYS.LIB/TAP01.DEVD') | ||||
| Door gebruiker gedefinieerde netwerkserveropslagruimten in gebruikers-ASP | SAV OBJ(('/QFPNWSSTG/stgspc') ('/dev/QASPnn /stgspc.UDFS')) DEV('/QSYS.LIB/TAP01.DEVD') |
| Objectinhoud | Objectnaam | Objectlocatie | Objecttype | Opdracht Opslaan |
|---|---|---|---|---|
| Berichten van de logische partitie | Verschillende | Verschillende | Serverberichtenwachtrij | GO SAVE, optie 21 of 23 |
| SAVOBJ OBJ(msg) LIB(qlibrary) DEV(TAP01) OBJTYPE(*MSGQ) | ||||
| i5/OS-configuratieobjecten voor logische partities | Verschillende | QSYS | Apparaatconfiguratieobjecten | GO SAVE, optie 21, 22 of 23 |
| SAVOBJ DEV (TAPO1) | ||||
| Verschillende | Verschillende | QUSRSYS | Verschillende | GO SAVE, optie 21 of 23 |
| SAVLIB LIB(*NONSYS) of LIB(*ALLUSR) |