Hiermee kunt verschillen beleidsinstellingen maken voor het (de)configureren van processor en geheugen.
U kunt verschillende beleidsinstellingen maken voor het deconfigureren van processors en geheugen onder bepaalde omstandigheden. U kunt een beleid instellen waarmee de processor wordt gedeconfigureerd als er fouten optreden, zoals een voorspelbare fout (corrigeerbare fout die wordt gegenereerd doordat een processor de drempel overschrijdt), een drijvende komma-fout, een functionele fout of een systeembusfout. U kunt ook de firmware inschakelen om een verwerkingseenheid (knooppunt) uit te schakelen voor onderhoud als bepaalde resources in dat knooppunt worden gedeconfigureerd.
Voer de volgende stappen uit als u deconfiguratiebeleid wilt instellen: