Operations Console-gebruikersinterface

De Operations Console en de grafische gebruikersinterface zijn flexibeler in het gebruik geworden. Met deze functies kunt u het Operations Console-venster aanpassen en de gegevens die voor u van belang zijn, weergeven en gebruiken.

Met de menuoptie Opties kunt u de volgende functies aanpassen:
Waarschuwingen afbeelden
Met deze optie kunt u instellen dat een groot aantal waarschuwingsvensters niet wordt weergegeven. Het venster waarin u een wisfunctie moet bevestigen, verschijnt bijvoorbeeld niet als dit venster niet is geselecteerd.
Vereiste waarschuwing
Het venster waarin tijdens de wizard Configuratie de vereisten worden gemeld, kan met deze optie worden uitgeschakeld.
Enkelvoudige aanmelding gebruiken
Hiermee kunt u aanmeldingsgegevens delen als er verschillende configuraties tegelijkertijd worden verbonden. U hoeft zich dan maar een keer aan te melden en niet afzonderlijk voor elke verbinding.
Dubbelklikken
Deze optie heeft twee functies. De eerste heeft betrekking op het uitvouwen en invouwen van de boomstructuur met het plusteken (+). U kunt instellen dat voor uitvouwen en invouwen een dubbele muisklik nodig is in plaats van een enkele muisklik. De tweede functie is dat een verbinding niet meer kan worden gestart door er op te dubbelklikken, maar dat een gebruiker een andere methode moet kiezen.

Elke geconfigureerde verbinding heeft een plusteken (+) links van het pictogram. Het plusteken (+) is een standaardfunctie in Windows voor het uitvouwen in invouwen van een boomstructuur. Als een geconfigureerde verbinding wordt uitgevouwen, verschijnen de verschillende functies die horen bij de verbinding. Als er bijvoorbeeld een verbinding is met de eerste logische partitie van een systeem met meerdere logische partities, ziet u waarschijnlijk ook voor elke logische partitie een eigen item voor het bedieningspaneel op afstand. Hierdoor wordt het eenvoudiger uw verbindingen te beheren.

Als u met de rechtermuisknop op een bedieningspaneel op afstand klikt terwijl de geconfigureerde verbinding is uitgevouwen, verschijnt er een optie voor de SRC-historie. In de SRC-historie kunt u alle of een gedeelte van de opgeslagen SRC's bekijken die de server heeft vastgelegd. Deze functie kan zeer nuttig zijn bij de oplossing van diverse problemen.

Er is een functie beschikbaar voor het slepen en neerzetten van geconfigureerde verbindingen. U kunt de lijst nu aanpassen zodat deze er precies zo uit ziet als u wilt. U kunt bijvoorbeeld configuraties samenvoegen in een groep en zo één functie tegelijkertijd uitvoeren voor meerdere verbindingen. U gebruikt de standaardmethoden van Windows om meer dan één verbinding te selecteren. Verbindingen die een groot aantal functies gemeenschappelijk gebruiken, kunt u bijvoorbeeld boven aan de lijst groeperen.

U kunt geselecteerde datakolommen in de gewenste volgorde zetten. Met slepen en neerzetten kunt u elke kolom, met uitzondering van iSeries Connection, op de positie plaatsen die u het handigst vindt. U kunt selecteren welke kolommen worden weergegeven. Ga naar het menu Beeld en kies in het vervolgmenu de optie Kolommen kiezen. Selecteer vervolgens de kolommen die moeten worden weergegeven, en klik op de naam van de kolom om deze wel of niet weer te gegeven. Schakel het selectievakje in om de naam weer te geven. U kunt per keer maar een kolom selecteren of deselecteren. Herhaal deze procedure om meer kolommen toe te voegen of te verwijderen.


Feedback verzenden|Deze pagina beoordelen