In dit onderwerp wordt beschreven hoe u apparatuur-ID's voor servicetools op de server moet instellen voor de configuratie van een lokale console op een netwerk (LAN).
Als u een nieuwe server installeert met behulp van Operations Console in een netwerk (LAN)-configuratie, moet u tijdens de configuratiewizard gebruik maken van QCONSOLE, de standaard apparatuur-ID van de servicetools.
Als u al een console of een ander werkstation hebt, dient u de onderstaande instructies uit te voeren om op de server apparatuur-ID voor servicetools in te stellen voor de configuratie van een extra lokale console op een netwerk (LAN). Dit kunt u doen met behulp van de DST (Dedicated Service Tools of de SST (System Service Tools). U moet de SST-optie echter eerst ontgrendelen voor u de optie kunt gebruiken. Voor meer informatie over SST, raadpleegt u Apparatuur-ID's van servicetools ontgrendelen in SST.