U kunt de voortgang volgen via de servicefuncties van de console met behulp van de Hardware Management Console (HMC) of de systeemverwijzingscode A6nn500x als u het bedieningspaneel gebruikt.
De voortgang volgen met behulp van een HMC
Uw voortgang bijhouden met behulp van het bedieningspaneel of het bedieningspaneel op afstand
| System Reference Code A6nn500x | Opmerkingen | |
|---|---|---|
| nn | Betekenis van nn | |
| 00 | Geen console gedefinieerd | |
| 01 | Twinaxconsole | |
| 02 | Operations Console (rechtstreeks verbonden) Als u 02 selecteert, wordt automatisch de asynchrone adapter geactiveerd die wordt gebruikt voor een lokale console die rechtstreeks is aangesloten. |
|
| 03 | Operations Console (LAN) Als u 03 selecteert, kan functie A3 ook nodig zijn om de LAN-adapter te activeren. |
|
| 04 | Hardware Management Console
(HMC) of Thin Console Opmerking: De
HMC en de
Thin Console kunnen niet
tegelijkertijd zijn verbonden met dezelfde server.
|
|
| C3 | LAN-configuratie verwijderen | |
| A3 | LAN-adapter deactiveren en vervolgens weer activeren | |
| DD | Alle Operations Console-gerelateerde traceergegevens dumpen in een set vlogs. | |
| E1 | Ingebedde poort inschakelen | Voor servers zonder een HMC |
| E2 | Toegevoegde 5706/5707-LAN-adapter inschakelen | Voor servers zonder een HMC |
| D1 | Ingebedde poort uitschakelen | Voor servers zonder een HMC |
| D2 | Toegevoegde 5706/5707-LAN-adapter uitschakelen | Voor servers zonder een HMC |
| F2 | Asynchrone adapter inschakelen in sleuf C2 | Voor IBM System i5 520-modellen met IOPless-functionaliteit die niet worden beheerd met een HMC |
| F3 | Asynchrone adapter inschakelen in sleuf C3 | Voor IBM System i5 520-modellen met IOPless-functionaliteit die niet worden beheerd met een HMC |
| F4 | Asynchrone adapter inschakelen in sleuf C4 | Voor IBM System i5 520-modellen met IOPless-functionaliteit die niet worden beheerd met een HMC |
| System Reference Code A6nn500x | |
|---|---|
| x | Betekenis van x |
| A | Hiermee wordt de huidige consolewaarde afgebeeld. |
| B | Het systeem staat in de werkstand Bewerken. |
| C | Uw opdracht is correct verzonden. |
| D | U hebt langer dan 45 seconden gewacht tussen het invoeren van functie 65 en 21, of tussen het invoeren van opeenvolgende functies 21. Het systeem staat niet langer in de werkstand Bewerken. Als u een actie wilt uitvoeren, moet u overnieuw beginnen. Het systeem wordt in ongeveer drie minuten opnieuw ingesteld. |