Problemen bij het gebruik van de Thin Console oplossen

Hardware- en verbindingsproblemen oplossen die kunnen optreden bij het gebruiken van de Thin Console.

Voor problemen met betrekking tot de Thin Console, uw server en de verbinding daartussen, kunt u kiezen uit het volgende:

Hardwareproblemen oplossen

Raadpleeg de onderstaande tabel voor hints en tips bij het oplossen van algemene problemen die kunnen optreden tijdens het gebruiken van de Thin Console. U kunt ook de documentatie bij uw consoleapparaat raadplegen of de informatie bij http://www.neoware.com/.

Tabel 1. Hardwareproblemen oplossen
Probleem Herstelprocedures
Het scherm van de Thin Console is volledig blanco. Er is mogelijk een apparatuurprobleem met de Thin Console of het beeldscherm, of er is sprake van een installatieprobleem. Ga als volgt te werk om het probleem op te lossen:
  1. Controleer of alle kabels correct en stevig zijn aangesloten.
  2. Controleer of de Thin Console en het beeldscherm zijn ingeschakeld.
  3. Zet de resolutie van het beeldscherm terug op de standaardwaarde. Raadpleeg de documentatie bij uw consoleapparaat of de informatie bij http://www.neoware.com/.
Het toetsenbord functioneert niet goed. Er is mogelijk een apparatuurprobleem of het toetsenbord kan zijn ingesteld op een locatie die niet overeenkomt met de huidige toetsenbordinstelling. Raadpleeg de documentatie bij uw consoleapparaat of de informatie bij http://www.neoware.com/.
Het is niet mogelijk brede schermen (bijvoorbeeld voor spoolbestanden) af te beelden met de 5250-console. Stel de resolutie van de Thin Console in op 1024 x 768.

Problemen oplossen aan de hand van statuscodes

Raadpleeg de onderstaande tabel voor hints en tips bij het oplossen van algemene problemen die kunnen optreden tijdens het activeren van de Thin Console.

Tabel 2. Thin Console-statuscodes
Probleem Herstelprocedures
Op het statusvenster houdt op met het afbeelden van de systeemstatus na het afbeelden van 00.xx. De Thin Console is niet in staat om een actieve serviceprocessor te vinden. Voer de volgende stappen uit om het probleem op te lossen:
  1. Controleer of de Ethernet-kabel is aangesloten op de poort voor HMC 1 of HMC 2, aan de achterzijde van de server.
  2. Controleer of de lampjes van de Ethernet-poorten op zowel de server als de Thin Console aangeven dat de aansluiting actief is.
  3. Controleer of de HMC-poort op de server is geconfigureerd met IP-adres 192.168.3.147 of 192.168.2.147 (standaardwaarden bij levering). Als de poort niet is geconfigureerd met een van deze adressen, raadpleegt u Fabrieksinstellingen terugzetten op uw server.
  4. Controleer of de serviceprocessor is ingeschakeld, door te kijken of het bedieningspaneel aan staat.
  5. Start opnieuw de Thin Console om te zien of het probleem reproduceerbaar is.
  6. Probeer apparatuurproblemen op te sporen door de andere HMC-poort aan de achterzijde van de server te proberen, door een andere Ethernet-kabel te gebruiken, of door een andere Thin Console te gebruiken.
In het statusvenster wordt statuscode 10.xx vermeld, waarna u wordt gevraagd om het wachtwoord voor toegang tot de HMC. Na het opgeven van het wachtwoord kunnen het gebruikers-ID en het wachtwoord niet worden geverifieerd. Voer de volgende stappen uit om het probleem op te lossen:
  1. Controleer of het toetsenbord is ingesteld op een locatie die overeenkomt met de huidige toetsenbordinstelling.
  2. Controleer of de toetsen Caps Lock, Num Lock en Scroll Lock zijn uitgeschakeld.
  3. Wijzig het wachtwoord voor HMC-toegang in een nieuwe waarde door bij de ASMI aan te melden als de beheerder. Raadpleeg ASMI-wachtwoorden wijzigen.
  4. Kies een wachtwoord met alleen hoofdletters. Als het probleem hiermee is opgelost, gaat u naar Contact opnemen met IBM.
Op het statusvenster houdt op met het afbeelden van de systeemstatus na het afbeelden van 10.xx of 20.xx. Voer de volgende stappen uit om het probleem op te lossen:
  1. Controleer of er niet ook een Thin Console of HMC is aangesloten naast deze Thin Console.
  2. Start opnieuw de Thin Console om te zien of het probleem reproduceerbaar is.
Op het statusvenster houdt op met het afbeelden van de systeemstatus na het afbeelden van 30.xx. Op de Thin Console wordt de statuscode 30.xx afgebeeld totdat het consoleapparaat is ingeschakeld en de PHYP-standbymodus is bereikt. Als de status van de Thin Console gelijk blijft aan 30.xx, zet u het consoleapparaat aan. Als de status gelijk is aan 0x0F en de systeemstatus niet wordt afgebeeld na het afbeelden van 30.xx, raadpleegt u Contact opnemen met IBM.
Op het statusvenster houdt op met het afbeelden van de systeemstatus na het afbeelden van 40.xx. Controleer of er niet ook een andere Thin Console of HMC is aangesloten naast deze Thin Console. Als dat wel zo is, ontkoppelt u het andere consoleapparaat of gebruikt u deze als systeemconsole.
Op het statusvenster houdt op met het afbeelden van de systeemstatus na het afbeelden van 50.xx. Als deze status onveranderd blijft, betekent dat dat de Thin Console klaar is met de initialisatie van de firmwarecommunicatie en dat de communicatie met de gelicentieerde interne code (LIC) van i5/OS nog niet met succes is gestart.

Feedback verzenden|Deze pagina beoordelen