Volg deze procedure om over te gaan van de Operations Console en ASMI naar de Hardware Management Console (HMC)
5250-console.
Controleer voordat u begint of de huidige configuratie voldoet aan de volgende vereisten:
- Configureer de HMC. De
instructies hiervoor vindt u bij
De
HMC instellen.
- Operations Console is geconfigureerd en deze beheert i5/OS.
Zie Operations Console
beheren.
- (Optioneel) Toegang tot ASMI (Advanced System Management Interface) is
geconfigureerd. Instructies hiervoor vindt u bij
Toegang tot de ASMI met de HMC.
- De systeemwaarde QAUTOCFG is ingesteld op On. Gebruik de opdracht WRKSYSVAL QAUTOCFG (werken met systeemwaarde) om dit te controleren.
Om de console die
i5/OS beheert te wijzigen van
Operations Console in een
HMC 5250-console in een
niet gepartitioneerde omgeving, voert u de volgende taken uit:
- Als u op dit moment Operations Console (LAN) gebruikt en de resource
niet voor een ander doel wilt gebruiken, bijvoorbeeld als backupconsole,
voert u de volgende stappen uit om de toewijzing van de netwerkadapter ongedaan te maken:
- Toegang tot Dedicated Service Tools (DST) of System
Service Tools (SST). Zorg ervoor dat de consoletype in
i5/OS is ingesteld op
Operations Console (LAN).
- Als u DST gebruikt, selecteert u Werken met DST-omgeving; als
u SST gebruikt, selecteert u Work with service tools user IDs and
devices.
- Als u DST gebruikt, selecteert u Systeemapparaten.
- Selecteer Console selecteren. De waarde van de huidige console
staat in het invoerveld. De waarde 0 betekent dat er geen waarde is ingesteld voor de console.
- Druk op F11 om naar de configuratieweergave te gaan.
- Druk op F6 om de configuratiegegevens te verwijderen.
- Druk op F7 om de nieuwe waarde op te slaan.
Belangrijk: Als u deze werkzaamheden uitvoert vanaf een
lokale console in een netwerk (LAN), wordt door deze deactivering de Operations
Console-verbinding verbroken.
Het kan zijn dat u de verbinding niet opnieuw tot
stand kunt brengen zonder dat u de server eerst opnieuw wordt gestart.
- (Optioneel) Druk op F13 om de
LAN-adapter te deactiveren.
- Druk tweemaal op F12 om af te sluiten.
- Wijzig in de HMC
de instelling van het consoleapparaat voor het
i5/OS-partitieprofiel
van Operations Console in
HMC 5250-console.
- Schakel de
i5/OS logische partitie uit
met behulp van de actieve console of een ander werkstation. U kunt ook de HMC gebruiken om de i5/OS logische partitie af te sluiten..
- Gebruik de HMC
om een
partitieprofiel te activeren zodat daardoor de nieuwe profielinstelling van kracht
wordt.
- Configureer de Operations Console-PC als u deze niet gebruikt als
backupconsole. Zie
De PC configureren voor het nieuwe consoletype voor instructies.