U moet een aantal parameters in de RSA II configureren voordat u verdergaat met het installatieproces. Raadpleeg sectie 3.2 in de iSCSI
Network Planning Guide voor meer details over het configureren van de RSA II. Dit proces kan worden gestart vanaf ieder scherm nadat u bent aangemeld bij de RSA II-webbrowser-interface.
Voordat u begint: Zorg ervoor dat u de iSCSI Network Planning
Worksheets bij de hand hebt; u zult deze nodig hebben voor informatie bij het voltooien van deze taak.
- Ga naar de RSA II-webbrowser-interface.
- Selecteer Login Profiles onder ASM
Control in het navigatiedeelvenster links op het scherm.
- In de lijst met de ID's voor aanmelding, zoekt u het item op dat de standaardwaarde is van het aanmeld-ID van USERID en vervolgens klikt u op dit item.
- Als het venster van het aanmeldingsprofiel wordt weergegeven, doet u het volgende:
- Ga naar het Aanmeld-
ID (werkbladitem XSP7) en vul het veld Wachtwoord (werkbladitem XSP8) en het veld Wachtwoord bevestigen in op basis van de informatie die is ingevoerd in de iSCSI Network Planning Worksheets .
- Zorg ervoor dat het Authority Level op Supervisor is ingesteld.
- Klik op Opslaan.
- In het navigatiedeelvenster links op het scherm, kiest u Network
Interfaces onder ASM Control om de configuratie te starten.
- Gebruik de waarden in iSCSI Network Planning Worksheets om de volgende stappen te voltooien:
- Selecteer Enabled in de Interface-lijst.
- In de DHCP-lijst selecteert u een van de volgende
(worksheet item XSP3) en stelt u deze in:
- Disabled - Statische IP-configuratie gebruiken.
- Enabled - IP-config halen van de DHCP-server. Voor deze optie is een operationele
DHCP-server vereist bij het installeren van het besturingssysteem.
- Voer een naam in voor deze RSA II in het veld Hostname (worksheet
item XSP2).
- Voer voor de volgende velden een waarde in onder de kop Static
IP Configuration die moeten worden ingevuld als de configuratiewaarde Disabled
– Use static IP geselecteerd werd in het bovenstaande DHCP-veld:
- IP address – voer het IP-adres in (werkbladitem XSP4).
- Subnet mask – voer het gewenste subnetmasker in (werkbladitem XSP5).
- Gateway address – voer het gatewayadres in (worksheet item XSP6).
- Klik op Save om het configureren van de netwerkinterfaces te voltooien.
- Selecteer System Settings onder ASM
Control op het navigatiedeelvenster links op het scherm.
- In het volgende venster kiest u onder het kopje ASM Information in de lijst Host OS de waarde Other.
- In hetzelfde venster klikt u onder het kopje ASM Date and Time op Set ASM Date and Time.
- In het volgende venster stelt u de huidige datum en tijd in (gebruik hierbij de 24-uursnotatie) en gebruik de GMT offset-lijst om de juiste tijdzone te kiezen. U selecteert hier ook het vak voor automatische aanpassing voor de zomertijd, als dit nodig is. Klik op Save als u gereed bent.
- Wanneer alle update- en configuratiestappen zijn voltooid, kiest u Restart ASM in het navigatiedeelvenster voor het opnieuw starten van de Remote Supervisor Adapter II.
- Kies OK om te bevestigen dat u de Remote Supervisor Adapter II opnieuw wilt starten. Er wordt dan een venster afgebeeld dat aangeeft dat het browservenster zal worden afgesloten. Kies
OK om verder te gaan.