Compatibiliteitswerkstand van processor

In dit veld wordt de processorwerkstand voor deze logische partitie afgebeeld. Met de processorwerkstand wordt bepaald welke processorfuncties beschikbaar zijn voor de logische partitie.

Geldige waarden zijn:

POWER6 of standaard
De logische partitie is ingesteld voor het gebruik van de processorwerkstand POWER6 architected, of de versie van het besturingssysteem dat op de logische partitie is geïnstalleerd ondersteunt niet de uitgebreide POWER6-processorwerkstand.
POWER6_Enhanced
De logische partitie is ingesteld voor het gebruik van de uitgebreide POWER6-processorwerkstand. De uitgebreide POWER6-processorwerkstand biedt aanvullende drijvende-komma-instructies voor toepassingen die op de logische partitie actief zijn.
POWER5
De versie van het besturingssysteem dat op de logische partitie is geïnstalleerd ondersteunt POWER5-processorwerkstanden maar geen POWER6-processorwerkstanden.

Welke processorcompatibiliteitswerkstand door een logische partitie wordt gebruikt is afhankelijk van het volgende:

Elk partitieprofiel heeft een instelling voor een partitiecompatibiliteitswerkstand. Partitieprofielen voor POWER6-systemen worden standaard ingesteld op de processorwerkstand POWER6 architected. U kunt de processorcompatibiliteitswerkstand van een partitieprofiel instellen op de uitgebreide POWER6-werkstand door de HMC-opdracht chsyscfg -r prof te gebruiken om het kenmerk lpar_proc_compat_mode in te stellen op enhanced. Als u de processorcompatibiliteitswerkstand van een partitieprofiel wilt terugzetten naar de werkstand POWER6 architected, gebruikt u de HMC-opdracht chsyscfg -r prof om het kenmerk lpar_proc_compat_mode weer in te stellen op default. (U kunt een partitieprofiel niet instellen op de POWER5-compatibiliteitswerkstand.)

Als u een logische partitie activeert, controleert het beheerde systeem de instelling van de partitiecompatibiliteitswerkstand op het partitieprofiel en wordt bepaald of de opgegeven werkstand door het geïnstalleerde besturingssysteem of de systeemsoftware wordt ondersteund. Als dit het geval is, gebruikt de logische partitie de partitiecompatibiliteitswerkstand van het partitieprofiel. Als dit niet het geval is, gebruikt de logische partitie de meest uitgebreide werkstand die wordt ondersteund door het geïnstalleerde besturingssysteem of de systeemsoftware. (De logische partitie kan dus geen uitgebreidere werkstand gebruiken dan de werkstand die is opgegeven op het partitieprofiel, maar het besturingssysteem of de systeemsoftware kan wel een minder uitgebreide werkstand afdwingen als de werkstand die op het partitieprofiel is opgegeven niet kan worden ondersteund.

U kunt de partitiecompatibiliteitswerkstand die op een logische partitie wordt gebruikt niet dynamisch wijzigen. Als u de partitiecompatibiliteitswerkstand wilt wijzigen, moet u de logische partitie afsluiten en de logische partitie opnieuw starten met een partitieprofiel dat is ingesteld voor de gewenste partitiecompatibiliteitswerkstand.

Een POWER6-processor kan niet alle voorzieningen van een POWER5-processor emuleren. Bepaalde typen prestatiebewaking kunnen bijvoorbeeld niet voor een logische partitie beschikbaar zijn als de logische partitie is ingesteld voor de POWER5-compatibiliteitswerkstand.

Dit veld wordt alleen afgebeeld als het beheerde systeem gebruikmaakt van POWER6-processors en processorcompatibiliteitswerkstanden voor partities kan instellen.