Geeft aan wat de werkstand is bij gebruik van gemeenschappelijke resources door de partitie bij dit partitieprofiel. Als deze optie is geselecteerd, geldt voor de logische partitie geen bovengrens. Als de optie niet is geselecteerd, gebruikt de logische partitie de in het profiel ingestelde bovengrens.
De werkstand voor gebruik van gemeenschappelijke resources bepaalt of de logische partitie gebruikmaakt van niet-actieve verwerkingseenheden die niet zijn toegewezen. (Het beheerde systeem koppelt de verwerkingseenheden aan de logische partitie als u de logische partitie activeert of verwerkingseenheden dynamisch verplaatst van of naar de logische partitie.)
Iedere wijziging die u op deze pagina aanbrengt, wordt pas van kracht nadat u de logische partitie afsluit en dit partitieprofiel opnieuw activeert.