Geeft de beschrijving van de geselecteerde consoleapparaat-controller.
Als in dit veld niet de juiste consoleapparaatcontroller wordt beschreven, klikt u op Wissen om het veld leeg te maken. Vervolgens selecteert u een andere consoleapparaatcontroller.
Als de geselecteerde consoleapparaatcontroller een IOP (I/O-processor) is, is de beschrijving PCI I/O-processor of I/O-processor.
Als de sleuf leeg is, is deze beschrijving Lege sleuf.
Anders wordt in het venster de eerst aangetroffen beschrijving uit de onderstaande lijst gebruikt.