Hier wordt informatie afgebeeld over de status van de HMC-verbinding met de serviceprocessors op het beheerde systeem.
U kunt de status bekijken van de verbinding van de HMC met de primaire en de secundaire serviceprocessors. De HMC is doorgaans alleen verbonden met de primaire serviceprocessor. Voor updates van de code en voor sommige onderhoudstaken op het beheerde systeem moet de HMC echter zijn verbonden met zowel de primaire als de secundaire serviceprocessor. Als er geen secundaire serviceprocessor is geïnstalleerd, is alleen een verbinding met de primaire serviceprocessor vereist.
Als failover voor de serviceprocessor optreedt en de HMC heeft geen verbinding met zowel de primaire als met de secundaire serviceprocessor, dan is de HMC niet in staat een verbinding tot stand te brengen met het beheerde systeem nadat de failover is voltooid.
De volgende kolommen worden weergegeven:
- IP-adres
- Het IP-adres van de serviceprocessor wordt afgebeeld. Het IP-adres is een uniek 32-bits geheel getal. De notatie van het adres is xxx.xxx.xxx.xxx, waarbij elk veld de decimale weergave van één byte (8 bits) van het adres is. Een IP-adres met de hexadecimale weergave X'82638001' wordt bijvoorbeeld omgezet in het nummer 130.99.128.1. Het IP-adres wordt altijd opgegeven in combinatie met het subnetmasker. Het subnetmasker geeft aan welke bits van het IP-adres tot het netwerkgedeelte van het adres behoren en welke bits van het IP-adres tot het hostgedeelte van het adres behoren.
- Rol van serviceprocessor
- In deze kolom wordt aangegeven of de HMC is verbonden met de primaire serviceprocessor of met de secundaire serviceprocessor.
- Verbindingsstatus
- De status van de HMC-verbinding wordt afgebeeld. Als de status niet Verbonden is, staat de foutcode die de oorzaak van de verbindingsfout aangeeft, in de kolom Foutcode verbinding.
- Foutcode verbinding
- Hier wordt de foutcode afgebeeld die de oorzaak van de verbindingsfout aangeeft. Deze kolom is leeg wanneer de waarde in de kolom Verbindingsstatus Verbonden is.